De Roskam op Twitter    De Roskam op Facebook   

Overigens CDLXXVIII

Mans en Jeha, zo noemde men mijn twee neven, de broers Herman en Johan. En we hadden een gezamenlijke neef die Jan heette. Hij werd kleine Jan genoemd, om verwarring met zijn vader te voork√≥men, want die werd in de familie Grote Jan genoemd. Mans en Jns. We wilden ons opgeven voor Stuif-es-in. Er waren nog weinig huishoudens met televisie. Veel kinderen uit de buurt, onder wie mijn neven en ik, keken bij de familie Anthonissen naar 'Ja zuster nee Zuster', 'Oebele'  en' Pipo de Clown'. Daar waren ze rooms en hadden ze godlof een kastje van de duivel in huis. 

Een oom van ons (Grote Jan) zou ons opgeven om 'Kom van dat dak af' te playbacken.  Vermoedelijk is hij dat expres vergeten, hij was nogal strak in de leer van een God die het gesneden en gefilmde beeld verketterde en zijn Zoon offerde op het altaar van zijn Gelijk. Hij dood, wij verlost.

Het schoot me te binnen toen ik vandaag op de radio hoorde dat 'Kom van dat dak af' precies zestig jaar geleden voor het eerst op de radio te horen was. Ik kan me nog herinneren dat we onze jongensneuzen op de ruiten van de de winkel van Harrie Lammertink duwden waar Peter en de Rockets het op prehistorisch grote televisiekasten zongen of playbackten. Zij wel. Ik denk dat in die dagen mijn wereld veranderde. Ik ontmoette mijn eerste 'Meisje uit Zeeland' (Ze heette Roelie), ik trof mijn eerste 'Robbie' van de bedrogen vriendschap, maakte kennis met een omgekeerde 'Lonnie' van onmogelijke liefde. Het beste voor mij moest toen nog komen, dat is zij in wier aanschijn ik weet dat het beste in mij niet goed genoeg is voor haar. (Ik raad u dat album van Peter Koelewijn uit 1977 graag aan:)

 http://ow.ly/NhYl50xSYSd

 

 

Deel dit nieuws!